WAT IS EEN CODE-SHARE OVEREENKOMST?

Een code-share overeenkomst is een commerciële overeenkomst waarbij de luchtvaartmaatschappij die een vlucht exploiteert, een andere luchtvaartmaatschappij toestaat om de vlucht aan te bieden alsof zij de vlucht zelf exploiteerde.

Partners in code-sharing spreken ook af hoe zij elkaar zullen vergoeden voor de zitplaatsen die zij verkopen op elkaars vluchten. Dergelijke overeenkomsten zijn gebruikelijk in de luchtvaartsector.

Code-sharingovereenkomsten houden verschillende regelingen in en de graad van samenwerking verschilt. Vaak wordt code-sharing gebruikt door partners in dezelfde mondiale alliantie. Wanneer code-sharing wordt toegepast tussen luchtvaartmaatschappijen die niet beide dezelfde bepaalde route exploiteren, biedt deze regeling hun de mogelijkheid hun netwerkdekking uit te breiden en de verbindingen voor passagiers te verbeteren.

Dergelijke complementaire code-sharing levert in principe geen bewaren op wat concurrentieverstoring betreft. Tock kan er sprake zijn van concurrentiebeperkingen met hogere prijzen en minder goede dienstverlening voor klanten wanneer luchtvaartmaatschappijen zitplaatsen verkopen op elkaars vluchten op dezelfde route.

WELKE AFSPRAKEN TOT SAMENWERKING ZIJN TOEGESTAAN?

Een kartelafspraak is een afspraak tussen ondernemingen die de concurrentie verhindert, beperkt of vervalst. Kartels zijn verboden.

Op het kartelverbod bestaat een aantal uitzonderingen.

Algemene vrijstelling

Draagt een afspraak tussen ondernemers bij aan economische of technische vooruitgang? Dan kan hij zijn toegestaan. Een redelijk deel van de voordelen van de samenwerking moet voor de afnemer zijn. De afspraak mag niet verder gaan dan nodig. En er moet ruimte blijven voor concurrentie. ACM heeft richtsnoeren gepubliceerd voor toegestane samenwerkingsafspraken bij duurzaam ondernemen (fair trade) en in de zorg.

Bagatelvrijstelling

Afspraken tussen kleine ondernemers zijn in sommige gevallen toegestaan. Dit heet de bagatelvrijstelling.

Groepsvrijstellingen

Een branchebeschermingsovereenkomst is toegestaan. Dit is een overeenkomst tussen de eigenaar van een nieuw winkelcentrum en een ondernemer in dat winkelcentrum. De overeenkomst beschermt de winkelier tegen vestiging van nieuwe ondernemers in dezelfde branche. Ook een samenwerkingsovereenkomsten in de detailhandel is toegestaan. Hier maken winkeliers afspraken over bijvoorbeeld marketing, gezamenlijke reclameacties en gezamenlijke inkoop.

Ook in het Europees recht bestaan vrijstellingen, bijvoorbeeld voor onderzoek en ontwikkeling, technologieoverdracht en specialisatieovereenkomsten.

Bron: ondernemersplein.nl

MOGEN AANBIEDERS VAN INTRAMURALE ZORG ELKAAR INZICHT GEVEN IN HET HUIDIGE BESCHIKBARE AANTAL PLAATSEN?

Ja, dit mag. Dit betreft informatie over de huidige fysieke capaciteit (gebouwen, ruimtes, kamers, bedden). Dit geeft geen inzicht in elkaars strategische/commerciële posities. Dergelijke informatie over de huidige situatie is wel relevant voor bijvoorbeeld het zorgkantoor om witte vlekken vast te kunnen stellen.

De ACM ziet wel risico’s als de capaciteit per zorgaanbieder weer wordt geven per Zorgzwaartepakket (ZZP) categorie. Het uitwisselen van dergelijke specifieke gegevens tussen concurrerende zorgaanbieders geeft inzicht in elkaars strategische en commerciële posities. Dergelijke informatie kan door de inkopende organisatie (zorgkantoor of gemeente) één op één worden uitgevraagd bij de zorgaanbieders. Dergelijke informatie kan op geaggregeerd niveau, bijvoorbeeld teruggekoppeld door het zorgkantoor, wel met elkaar gedeeld worden. Zo kan inzicht verkregen worden in bijvoorbeeld de totale beschikbare capaciteit aan ZZP 8 VV in een bepaalde regio.

Bron: ACM

HOE ZIT HET MET GEZAMENLIJKE INKOOP EN MEDEDINGING?

Gezamenlijke inkoop leidt normaal gesproken tot betere inkoopvoorwaarden. Logische partijen om samen mee in te kopen, zijn ondernemingen met vergelijkbare activiteiten.  Maar tegelijkertijd is het verboden samenwerkingen aan te gaan die de mededinging kunnen beperken. Hoe zit dat?

Gezamenlijke inkoop is een van de samenwerkingsvormen waarvan verondersteld wordt dat die de mededinging niet beperkt of waarvan de voordelen opwegen tegen de nadelen van een beperking van mededinging. Gezamenlijk inkopen leidt in principe immers tot lagere inkoopprijzen en kwalitatief betere producten die ingekocht worden. En dat komt de concurrentie weer ten goede, zodat uiteindelijk ook de consument kan profiteren.

Maar gezamenlijke inkoop is niet zonder mededingingsrechtelijke risico’s. U bent natuurlijk zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop u inkoopt.

Wat zijn mededingingsrechtelijke risico’s van gezamenlijke inkoop?

Als het gezamenlijke marktaandeel van de betrokken ondernemingen zowel op de in- als op de verkoopmarkt niet hoger is dan 15%, dan kunt u er van uitgaan dat gezamenlijke inkoop is toegestaan.

Een hoger percentage wijst er bovendien niet per se op dat de gezamenlijke inkoop (verboden) mededingingsbeperkende gevolgen heeft. Het is dan wel zaak de inkoopsamenwerking goed te bekijken.

Als er voldoende concurrentie is op de verkoopmarkt, zal er mededingingsrechtelijk nog steeds geen bezwaar zijn. De inkooppartners zullen hun gezamenlijke inkoopvoordeel in moeten zetten om competitief te kunnen zijn.
Het is anders als door de gezamenlijke inkoop het marktgedrag van de betrokken ondernemingen op de verkoopmarkt wordt afgestemd. Bijvoorbeeld door concurrentiegevoelige informatie te delen.

U kunt afstemming van het marktgedrag op de verkoopmarkt zoveel mogelijk voorkomen door bijvoorbeeld af te spreken dat een bepaald maximum van de in te kopen producten of diensten via gezamenlijke inkoop wordt afgenomen. U kunt ook met de betrokken ondernemingen de afspraak maken dat maar een kleine groep mensen toegang krijgt tot concurrentiegevoelige informatie.

Zo beperkt u de risico’s van gezamenlijke inkoop. Een activiteit die in beginsel positief wordt beoordeeld, maar dus niet vrij van risico is.